Terug

Ninjutsu - mysterie en magie

Nikki Danjo transformeerd zich zelf in een rat.

Ninjutsu verhulde zich in een wolk van mysterie en magie en maakte handig gebruik van de verhalen die zich de ronde deden over hun bovenmenselijke krachten ,zoals de kracht van tien man, de mogelijkheid om zich in dieren te veranderen , te kunnen vliegen en onzichtbaar te worden.
De kunst van illusie maakten de Ninja tot een zeer gevreesd en geduchte vijand. Op dit punt moet je de samurai kennen om de effectiviteit van de ninja te begrijpen en waarom ze zo gevreest waren.

De samurai leefde volgens de erecode van de Bushido (betekend letterlijk "weg van de krijger").  De Bushido moest ten alle tijde gevolgd worden. Als een samurai van de code zou afwijken pleegde hij Seppuku dit wordt ook wel harakiri  genoemd, wat letterlijk: "de (onder)buik opensnijden" betekent. Dit was een rituele zelfmoord ze sneden hun buik open met hun tanto of wakizashi ,dit om zijn eer terug teverdienen .

De ninja volgde ook een code: doe alles wat nodig is om het karwei te klaren.

Yamato Takeru verkleed als hofdame maakt zich gereed om 2 Kumaso leiders te vermoorden.

Dit gaf de ninja direct een groot voordeel, voeg daar het gebruik van een groot variëteit van wapens aan toe en je hebt een superieure krijger. Omdat de samurai niet in vijandige huizen kon binnendringen omdat dat tegen hun code was, waren ze niet geschikt voor de taken van aanslagen en sabotage. Dit is waar de ninja in het spel komt. En als het nodig was om achter een samurai te sluipen en hem te vermoorden voordat hij wist dat hij in gevaar was, dan "mocht" de ninja dat doen. De bushido zou dat nooit toestaan. Vanwege dit waren de samurai bang voor de ninja. Een angst die de ninja verdient had.

 

De ninja deelde de wereld in aan de hand van de 5 basismanifestaties of godai, een term die afkomstig is van het mikkyu-boeddhisme. Volgens dit concept zijn alle dingen opgebouwd uit de 5 volgende manifestaties:


AARDE CHI 地 KRACHT (vast element)
WATER SUI 水 RECHTVAARDIGHEID (vloeiend element)
VUUR KA 火 RESPECT (energie element)
LUCHT FU 風 VERSTAND (gasvormige elementen)
HEMEL KU 空 VERTROUWEN (oorsprong van alle begin)

Ook de gemoedstoestanden deelde de ninja in volgens deze 5 manifestaties, op die manier had de mens 5 fundamentele zwakheden en behoeften.

De 5 zwakheden waren :

1. Luiheid                                                                                                                                                                                                                                                     

Luiheid  komt overeen met de manifestatie van aarde. Luiheid kan vooral uitgebuit worden bij bewakers.

De luie bewaker zal zijn aandacht snel laten verslappen en zijn omgeving veel minder nauwgezet in de gaten houden,wat voor de ninja de gelegenheid verschaft om binnen te glippen.

2. Boosheid                                                                                                                                                                                                                                                

Boosheid, komt overeen met de manifestatie van water, kan zeer gemakkelijk gebruikt worden in een gevecht. Een woedende tegenstander zal onbezonnen handelen, en maakt weinig kans tegen een kalme, bedreven krijger.

3. Angst                                                                                                                                                                                                                                                  

Deze emotionele reactie komt overeen met de manifestatie van vuur.  Mensen die in paniek zijn, hebben geen duidelijk beeld op de situatie en zullen veel mogelijkheden over het hoofd zien. Om zijn tegenstanders angst in te boezemen, maakte de ninja handig gebruik van de verhalen die de ronde deden over zijn bovenmenselijke krachten.

4. Medelijden                                                                                                                                                                                                                                   

Medelijden komt overeen met de manifestatie van wind, en verslapt ook de aandacht van een tegenstander. De ninja nam vaak de gedaante van een bedelaar of een kreupele aan, zodat de samurai geen aandacht aan hem zouden besteden.

5. Ijdelheid                                                                                                                                                                                                                                               

Deze gemoedstoestand, komt overeenkomt met de manifestatie van de leegte, leidt ertoe dat een tegenstander zichzelf zal overschatten, wat hem kwetsbaar maakt. Deze eigenschap kan gemakkelijk uitgebuit worden door geveinsde uitingen van respect.

Naast deze 5 fundamentele zwakheden kon de ninja ook nog gebruik maken van de 5 fundamentele behoeften van zijn tegenstander.

Deze behoeften waren :

1. Veiligheid (aarde)                                                                                                                                                                                                                                                

De ninja maakten soms tegenstanders tot bondgenoten door hen bescherming en voedsel te verschaffen, of dwongen hen tot overgave door intimidatie.

2. Sex (water)                                                                                                                                                                                                                                                

Om de behoefte aan sex uit te buiten werden dikwijls vrouwelijke ninja (kunoichi) ingezet. Wanneer men sexueel opgewonden is, is men minder voorzichtig en zeer kwetsbaar voor aanvallen.

3. Rijkdom (vuur)                                                                                                                                                                                                                                             

Door iemand om te kopen kon de ninja gemakkelijk een bondgenoot maken.

4. Trots (wind)                                                                                                                                                                                                                                             

Deze behoefte, die vooral bij samurai zeer belangrijk was, kon uitgebuit worden door te dreigen met acties die de eer van de tegenstander in gevaar kon brengen.

5. Genot (leegte)                                                                                                                                                                                                                                             

Naast rijkdom en sex streven de meeste mensen nog andere verlangens na.
Door op deze verlangens in te spelen, kon men een tegenstander gemakkelijk manipuleren.

  Toshitsugu Takamatsu  

Hatsumi Maasaki en Toshitsugu Takamatsu


Een ander aspect van de psychische en spirituele opvoeding van de ninja was de leer van de kuji-in en kuji-kiri en mudra’s.

Eerst een korte uitleg over de betekenis van de gebruikte woorden

kuji-in : de 9 sneden.

kuji-kiri : de 9 sneden die je in de lucht maakt.

mantra : is een woord of een woordcombinatie met een mystieke inhoud.

mudra : zegel,een bepaalde houding van de hand.



 Kuji kiri handsymbolen, en mantra spreuken.

 

臨Het eerste symbool Rin staat in voor de kracht (energie) van het lichaam, de geest en de spirit. Deze handzegel noemt men (futen gosshin no in) ‘Dokko-In’ of ‘Kongo-In’ en deze zegel zou een voorstelling van de ‘Vajra’zijn. De ‘vajra’ en de ‘gantha’ bestaan uit een bel en een metalen grip in de vorm van een klauw aan de uiteinden die dikwijls door yamabushi / Shugenja (bergmonnik) gebruikt worden.  De zegel Rin activeert een energiebaan ’Tu-Mo’ in het stuitbeen die door de nek naar het tandvlees gaat, deze energiebaan controleert de toevoer aan enkele belangrijke organen in de buik en de borst. In Rin ontwikkelt de lichamelijke kracht door de geest activiteit . Door Rin zal men lichamelijke en mentale problemen beter aan kunnen pakken
Mantra: On baï shi ra man ta ya sowaka

兵 Het tweede symbool is Pyo en zijn taak kunnen we interpreteren als het leiden van de energie naar de punten van ons lichaam en geest waar zij het nodig acht. Deze houding beschouwt met nauw verbonden met het kanaal van de concentratie of de ‘Jen-Mo’, die vertrekt onderaan de genitaliën en via de voorzijde van het lichaam naar de kin vloeit. Een goede doorstroming van dit energiekanaal heeft een positieve invloed op angst en depressie . Pyo zorgt ervoor dat men zijn energie doeltreffend zal gaan aanwenden om elke situatie meester te zijn. Pyo staat voor het kanaliseren van de energie waar de ninja het nodig heeft
Mantra: On isha na ya in ta ra ya sowaka

闘 Het derde symbool is Toh. Deze houding is verbonden met het uiterlijke van de leeuw en noemt men ‘soto-jishi’, de leeuw stelt onze eigen kracht voor.  Door Toh opent men een energiebaan die vertrekt vanaf de voetzool tot het sleutelbeen. Toh heeft het specifieke doel om weerstandsvermogen van lichaam tegen koude te voeden bij ongunstige weersomstandigheden.  In dit stadium wordt de geest één met het voorwerp van de concentratie, verbonden met de naam van het voorwerp.  Door het gebruik van Toh zal men de kiai ontwikkelen en zo het inzicht bekomen om mee te reizen in het universum.
Mantra: On je te ra shi ita ra ji ba ra ta no-o sowaka

者 Het vierde symbool Sha wordt geassocieerd met ‘Kongo Yasha Yo O’ het is herkenning de innerlijke leeuw of ‘uchi-jishi’. Sha activeert het kanaal (Chuen-Mo) dat ook de ademhaling controleert.
Door het gebruik van Sha zal men de energie kunnen gebruiken om jezelf en anderen te genezen. Sha zal een weldadige en gezonde omgeving scheppen.
Mantra: On ha ya baï shi ra man ta ya sowaka

皆 Het vijfde symbool kai staat in verband met het middelpunt van het lichaam waar de energie huist, de ‘hara’ dat een 7-tal cm onder de navel ligt. Vanaf dit punt lopen er twee energiekanalen, de ‘Yang-wei-mo’ en de ‘Yin-wei-mo’. Het blijkt dat veel krijgskunstenaars zich concentreren op het punt hara, zelfs in het dagelijks leven waardoor ze in staat zijn een evenwichtiger leven te leiden. Men zegt dat de controle over het hara centrum helpt bij de ontwikkeling van de intuïtie waardoor men gebeurtenissen kan voorzien en gevaar kan voelen naderen. Kai geeft ons de kracht om helder te zien zodat we in staat zijn gevaar aan te voelen komen.
Mantra: On no-o ma ku san man da ba sa ra dan kan

陣 Het zesde symbool is Jin, een zegel die verbonden is met het boeddhistische Kundali die men in Japan kent als, ‘Gundari Yasha Muo O’ met als zegel ‘naibaku-in’ of ‘inwendige band’.
Deze handzegel activeert een energielijn ‘Yang-Chiao’ dat de slaap en de capaciteit van het evenwicht controleert. Hierdoor kan een ninja als het ware de geest van de vijand lezen .Door het gebruik van Jin zal men in staat zijn gedachte te kunnen lezen en deze door te sturen.
Mantra: On aga na ya in ma ya sowaka

烈 Het zevende symbool is Retsu dat men uitspreekt als ‘Lets’ die overeen komt met de kami ‘Komoku Tenno Jin’ wie het kenmerk van de ‘vuist der wijsheid’ (shiken-In) heeft. De vuist der wijsheid gebruiken we bij kuji-kiri waar het ‘Tou-In’ noemt.                                                                                                                                                                                                                  

Dit is een symbolisch zwaard dat de onwetende en zieke geest doorklieft om door te dringen in het centrum van het zelfbewustzijn. Retsu heeft een diepe invloed op een chakra die tussen de wenkbrauwen ligt en het derde oog word genoemd. De zegel stimuleert een kanaal, de ‘Yin-Chiao’ die een zeer belangrijke baan zou zijn voor de meditatie.   Sommige mensen geloven dat op deze plaats ook de ziel verblijft, hierdoor staat Retsu voor helderziendheid. Retsu helpt ons bij het terug kijken in de tijd en het geestelijk verkennen van reeds afgelegde plaatsen
Mantra: On hi ro ta ki sha no ga ji ba tai sowaka

在 Het achtste symbool Zai staat voor de vereniging van de vijf primaire natuurelementen(Godai). De zegel wordt geassocieerd met de kami ‘Dai Ittoku Yasha Muo O Jin’ waarvan het symbool de zonnering is. Het energiecentrum van deze zegel zetelt in de kroon net boven de hersenen. Het wordt aangewakkerd door het kanaal met de naam ‘drievoudige warmte’ dat zowel aan de voorzijde als aan de achterzijde van het hoofd stroomt.  Het kanaal heeft zijn naam te danken aan zijn drie functies: Absorptie, transformatie en verwijdering van energie. Dankzij Zai zal men controle verwerven over de vijf elementen: aarde, water, vuur, wind en leegte.
Mantra: On Chi ri Chi i ba ro ta ya sowaka

前 Het negende symbool is Zen  Deze zegel is verbonden met de kami ‘ Zoko Ten No Jin’ met als symbool de duisternis (Inkei). Deze zegel is niet met een energiekanaal verbonden en verblijft in het lichaam als een soort straling of elektromagnetisch veld.  Zen is ook verbonden met de mythische kracht van onwetendheid en duisterheid.
Zen zal ons de bescherming geven van natuurlijke krachten en ons als het ware onzichtbaar maken voor onze vijand.
Mantra: On a ra ba sha no-o sowaka


Kuji-kiri is het gebruik maken negen sneden die je in de lucht maakt. ‘Ku’ is negen, ‘ji’ komt van kanji (karakter) en ‘kiri’ betekent snijden.

Kuji kiri gebruikt men als volgt:

Plaats je linker hand (denkbeeldige schede) in je linker heup en breng je de twee vingers van de rechter hand erin (denkbeeldig zwaard). De vingerformatie noemt nu ‘To-in’ (zwaardformatie).  Trek het zwaard uit de schede en maak een serie van negen sneden 5 horizontale sneden en vier verticale sneden. Begin met de horizontale snede en noem elke beweging met zijn naam (Rin, Pyo, Toh, Sha, Kai, Jin, Retsu, Zai en Zen). De negen sneden worden elk op dezelfde hoogte gemaakt.  Bij kuji-no-in is het belangrijk om te weten dat de linker hand Yin (In) is en de rechter hand ‘Yang’ (Yo). De pink staat voor aarde, de ringvinger staat voor water, de middelvinger staat voor vuur, de wijsvinger staat voor wind en de duim staat voor ku.



18 disciplines van de ninja

Wegens de diversiteit van zijn opdrachten moest een ninja een uitermate veelzijdige krijger zijn. Naast de traditionele krijgskunst (zoals boogschieten en zwaardvechten) moest hij een hele reeks speciale technieken en kunsten ontwikkelen om zijn missies tot een goed einde te brengen.

Deze disciplines, 18 in het totaal, waren de volgende :

Kyoyo - (psychische en spirituele opvoeding)                                                                                                                                                                                                                                                

De ninja deelde de wereld in aan de hand van de 5 basis manifestaties of Godai, zijnde aarde, water,vuur, wind en leegte. Ook de gemoedstoestanden werden volgens 5 basis manifestaties ingedeeld,zijnde: luiheid, boosheid, angst, medelijden en ijdelheid. Buiten deze basis manifestaties maakte de ninja ook gebruik van de 5 zwakheden van zijn tegen staander, zijnde: veiligheid, sex, rijkdom, trots en genot.

Tai jutsu – (de kunst van het lichaam)                                                                                                                                                                                                                                                

De belangrijkste vechtkunst van de ninja, was de kunst van het ongewapende gevecht, de 5 basishoudingen zijn geïnspireerd op de 5 fysieke manifestaties zijnde: aarde – natuurlijke houding,water – defensieve houding, vuur – aanvallende houding, wind – ontvangende houding en als laatste leegte – vormeloosheid)

Ninja ken – (ninja zwaard)                                                                                                                                                                                                                                                 

Ook voor de ninja was het zwaard een belangrijk instrument. De ninja trainde in 2 belangrijke disciplines van de zwaard vechtkunst, met name de kunst van het zwaardtrekken (Iaijutsu ) en de kunst van het schermen (kenjutsu)

Bo jutsu – (de kunst van de staf)                                                                                                                                                                                                                                               

Met de term bojutsu wordt een discipline van de vechtkunsten aangeduid waarbij gebruik gemaakt wordt van een stok of staf (een stok van 4 shaku of één van 6 shaku). Dit was een ideaal instrument om het gewapend vechten te oefenen zonder te verwonden of te doden

Shuriken jutsu – (het werpen van projectielen)                                                                                                                                                                                                                                   

Het wapen dat het meest met de ninja wordt geassocieerd is waarschijnlijk de shuriken. De shuriken die de ninja gebruikte bestond uit 2 fundamentele types: het rechte werpmes met 1 of 2 punten (bo shuriken) of het platte stervormige werpmes met 3 tot 8 punten (hira shuriken of shaken)

Yari jutsu – (speertechnieken)                                                                                                                                                                                                                                                

De speer die de ninja gebruikte verschilde enigszins van de speer van de samoerai, zo gebruikten de ninja meestal een kamayari. Dit was een speer die aan de punt nog een weerhaak had, waardoor de speer ook als kliminstrument gebruikt kon worden.

Naginata jutsu – (hellebaardtechnieken)                                                                                                                                                                                                                                              

Meer dan bij de speer maakte men met de naginata vooral gebruik van cirkelvormige bewegingen.Het wapen was namelijk meer geschikt om te snijden dan om te steken.

Kusarigama – (ketting en sikkel)                                                                                                                                                                                                                                               

Een groep wapens die zeer efficiënt bleek te zijn tegen het zwaard of de speer, was die groep die gebaseerd was op het gebruik van metalen kettingen. De meest bekende was de kusarigama, een gewone sikkel waar een ketting aan bevestigd was.

Kayaku jutsu – (vuurtechnieken)                                                                                                                                                                                                                                                  

De ninja, die immers sterk geïnspireerd was door de Sun-tzu, besefte het strategische nut van vuur maar al te goed. Door een aantal explosieve te laten ontploffen kon men de alertheid van de vijand,die een aanval verwacht, verhogen. Wanneer de aanval er echter niet komt, zal de aandacht verslappen, wat de mogelijkheid bood om in het vijandelijke kamp binnen te dringen.

Henso jutsu – (de kunst van het vermommen)                                                                                                                                                                                                                                               

Een van de belangrijke aspecten van het spionagewerk van de ninja was de kunst van het vermommen, de ninja was bijzonder grondig in zijn personificatie. De 7 belangrijkste gedaanten die de ninja kon aannemen waren: monnik, een soort nar, een zwervende priester, een samoerai zonder meester, een handelaar, een muzikant en een boeddhistische monnik.

Shinobi iri – (heimelijk binnengaan)                                                                                                                                                                                                                                               

Elke missie van de ninja begon bijna met het infiltreren in de vijandelijke omgeving. Om in versterkte vestigingen binnen te geraken, beschikte de ninja over 4 speciale instrumenten, zijnde:instrumenten om te klimmen, waterinstrumenten, instrumenten om iets open te maken en vuurinstrumenten.

Ba jutsu – (de kunst van het paardrijden)                                                                                                                                                                                                                                               

Het is onwaarschijnlijk dat vele ninja zich bezighielden met het berijden van paarden, aangezien het terrein waar zij vertoefden hiervoor te bergachtig was.

Sui-ren – (wateroefeningen)                                                                                                                                                                                                                                                    

De ninja ontwikkelde een aantal speciale technieken om geruisloos te zwemmen of om lange tijd onder water te blijven, hij was dan ook zeer bedreven in een gevecht onder water.

Boryaku – (strategie)                                                                                                                                                                                                                                                   

De ninja was in vergelijking met de samoerai toch wel een bijzondere figuur. In plaats van de directe, individuele confrontatie, verkoos de ninja strategieën, bedrog en politieke intriges om zijn doel te bereiken. De kunst van het misleiden werd door de ninja “kyojitsu” genoemd.

Choho – (spionage)                                                                                                                                                                                                                                                    

Spionage was zowat de belangrijkste functie van de ninjutsu. In grote lijnen volgde hij hierbij de volgende 6 basisprincipes: aarde – uitbouwen van spionnennetwerk, water – valse informatie geven,vuur - omkopen manschappen, wind – dubbelrol spelen en leegte –vertrouwen winnen.

Inton jutsu – (de kunst van het onderduiken)                                                                                                                                                                                                                                                

De vaardigheid van de ninja om schijnbaar in het niets te verdwijnen deed vele verhalen en legendes ontstaan. De ninja was er echter op getraind om van alle natuurlijke eigenschappen gebruik te maken om te verdwijnen. B.v. rotsen, zand, water, vuur enz.

Temmon – (astrologie)                                                                                                                                                                                                                                                      

De weersomstandigheden speelden een zeer belangrijke rol in de kunst van het heimelijke. Donder en bliksem kon de vijand genoeg afleiden om de ninja zijn kans te geven.

Chimon – (geografie)                                                                                                                                                                                                                                                 

Even belangrijk als het tijdstip en het weer, was de kennis van het terrein.

graag wil ik  http://www.hikokuryukan.be/ bedanken voor de medewerking aan dit verhaal .