Terug

 



Bushidō betekent vertaald letterlijk "Weg van de strijder".

Bushidō komt uit een samensmelting van het Boeddhisme, Zen, Confucianisme en het Shintoïsme.

De combinaties van deze manieren van denken en religies hebben de code gevormd van de samurai die bekend staat als Bushidō.

Bushidō werd gevormd door de eeuwen heen. Zelfs in de vroege geschiedenis van Japan kan men verscheidene eigenschappen van Bushidō terugvinden, Zoals bijvoorbeeld in de Kojiki uit 712 waar men in sommige passages al een beeld krijgt van krijgers die al een grote loyaliteit vertoonden tegenover hun heer of familie.  

Het Bushidō is vooral opengebloeid tussen 1100 en 1400 door de opkomst van de samurai klasse

Een voorbeeld is de Heike Monogatari uit 1371 , waar men al een soort van standaard weergeeft onder de samurai over zijn waarden in die tijd.

De 3 meest essentiële geschriften over Bushidō die we kunnen terugvinden in de Japanse geschiedenis zijn:

- Hakagure geschreven door Yamamoto Tsunetomo 1659-1719

De Hakagure is een geschrift dat men kan vertalen als " Verborgen onder de bladeren." Men kan het beschouwen als een van de grondleggende geschriften van Bushidō. Het is vermoedelijk geschreven in een tijdspanne van 1710-1716. Het boek is geschreven door de jonge samurai Tashiro Tsunamoto en het is gebaseerd op zijn gesprekken met Yamamoto Tsunetomo ,een voormalig samurai die een zen priester is geworden. Het geeft een soort van code weer, gevormd door de conversaties die Tsunamoto had met Tsunetomo over de samurai, het ideaal van de samurai en zijn waarden.

- Shidō en Bukyō geschreven door Yamaga Sokō 1622-1685

 Hij was eveneens een confucianistisch denker die leefde tijdens Tokugawa periode. Hij maakte zich veel zorgen over de voortdurende inactiviteit van de samurai tijdens de regeerperiode van Tokugawa Ieyasu. Yamaga geloofde dat de samurai een hogere positie in de maatschappij diende te hebben. Alleen een hogere positie zou de status van de samurai kunnen rechtvaardigen vooral dan in een tijd van vrede. Hij besefte dat men dit niet alleen maar kon bereiken door lichamelijke fitheid. Dit kon men onder meer bereiken door met het loon van zijn heer andere kunsten te ontwikkelen.

Gedurende zijn leven schreef Yamaga Sokō twee belangrijke boeken voor het Bushidō , Bukyō (geloofsbelijdenis van de samurai) en Shidō (weg van de krijger). Deze twee boeken waren eigenlijk de filosofische basis voor de samurai. Hij duidde ook het belang aan van het ontwikkelen van kunsten zoals letteren en geschiedenis. Krijgsvaardigheid was dus even belangrijk als het intellectueel geestelijk kunnen. Hij legde ook de nadruk op loyaliteit en plicht. De samurai moest voor alles, ook voor zijn eigen persoonlijke belangen, zijn heer ten volle dienen. En hij moest door bezinning over zijn eigen leven en positie in de maatschappij, zijn leven toewijden aan het vervullen van zijn plicht tegenover de heer.

Deze 3 boeken beschouwt men als de filosofische en ethische basis van het Bushidō.

 

De zeven basiswaarden van de Bushidō zijn:

Gi  

  • Gerechtigheid, eerlijkheid , rechtvaardigheid

Het is niet alleen gerechtigheid dat telt bij Bushidō, ook een juiste beoordeling van een situatie. Men moet in een bepaalde situatie zonder te aarzelen, juist en met reden kunnen beslissen. Iets slecht doen is simpel en soms zelf amusant. Het is daarentegen heel wat moeilijker om altijd het juiste pad te willen kiezen en gerechtigheid te laten gelden. Men kan het ook beschouwen als een soort van instinct dat de samurai bezit om een oordeel te vellen over wat goed en wat slecht is.  .

Yu ( Yuki )

  • Moed , heldhaftigheid

Moed was ook belangrijk in de leer van Bushidō, men moest de moed en de durf hebben om elke situatie aan te pakken met een resoluut en moreel hart. Moed is ook doen wat goed is. De samurai moest vaak kiezen tussen het goede of slechte ook al betekende dat, dat als hij koos om het slechte te bestrijden, het meer dan waarschijnlijk zijn dood zou worden. Dat is durf hebben. Men moet zichzelf ook niet zomaar roekeloos in het gevaar storten, je moet niet zomaar je leven op het spel zetten. Sterven voor een zaak die het onwaardig is om voor te sterven, is een hondendood. Zomaar jezelf in het gevaar storten en sterven is makkelijk genoeg. Maar moed is pas echt moed als je leeft wanneer het juist is om te leven en als je sterft wanneer het juist is om te sterven. Als het moeilijker is om in leven te blijven dan te sterven dan moest men blijven leven. Hetgene wat juist is onderscheiden en het toch niet doen is een gebrek aan moed.

Moed is ook kalmte en zelfbeheersing. De basis van moed is zelfdiscipline. Een man die niets doet wat tegen de principes van zijn heer of zijn ouders is, is moedig. Iemand die ten allen tijde op zijn hoede is en altijd let op hoeveel hij uitgeeft aan bepaalde dingen is ook moedig. Maar diegene die niet moedig is zal alleen aan de oppervlakte een moedig man zijn. Hij trekt zich niets aan over wat zijn ouders of zijn leenheer goed vindt of niet. Hij zal teveel eten en drinken en te weinig studeren. Als we dit soort gedrag gaan omschrijven dan zit de term lafheid er niet zo ver naast.

Natuurlijk moet men er ook rekening mee houden dat dit enkel een waarde is voor het westerlingen. Voor een samurai was moed iets wat men sowieso al had. Dit komt onder meer door het feit dat als je de dood verkiest boven het leven, wat de samurai dus deden, dan vervaagd natuurlijk elke zin van het woord moed. Men kon ook alleen maar zijn plicht ten volle vervullen als men zich maximaal inzette en natuurlijk onbevreesd elke situatie tegemoet ging.

 

Jin ( Jingi )

  • Medeleven ten opzichte van anderen

Men kan dit eigenlijk het beste verklaren als het hebben van een warm hart tegenover anderen. Het hebben van liefde en affectie, medelijden en mededogen voor anderen. Het is ook het hebben van een nobele geest want dat staat gelijk aan al die waarden. Men kan het ook omschrijven als vriendelijkheid tegenover iedereen. Niet alleen tegen de leenheer en diens familie maar ook tegen onbekenden, armen of ouderen. Een samurai zal altijd denken aan diegene die lijden en die minderbedeeld zijn.


Rei ( Reigi )

  • Etiquette , Beleefdheid

Bij Bushidō is oprechte loyaliteit en verbondenheid aan de leenheer niet genoeg. Zolang hij de juiste manieren en etiquette niet kent om zijn respect te tonen aan zijn leenheer dan wordt hij niet beschouwd als iemand die in harmonie leeft met zijn leenheer. Zolang de samurai deze vormen van respect niet hanteert, wordt zijn gedrag dus ook niet beschouwd als dat van iemand die leeft volgens Bushidō. Zelfs als de samurai slaapt mogen zijn voeten nooit in de richting wijzen van zijn heer zijn aanwezigheid. Als hij zijn boogtechnieken oefent op een baal met stro dan mogen de pijlen nooit vallen naar waar zijn heer is. Net hetzelfde met de punt van zijn zwaard of speer, het mag nooit wijzen in de richting van de aanwezigheid van zijn heer. Wanneer hij neer zit en zijn heer komt binnen moet hij zijn rug rechten en als hij slaapt moet hij direct rechtspringen want anders getuigt zijn gedrag van weinig respect.

Beleefdheid is maar een zwakke deugd als het voortkomt uit de angst om goede smaak te beledigen. Het moet juist een oprecht gevoel zijn van een sympathieke waardering van andermans gevoelens. Hierbij komt dan ook nog het respect dat men moet tonen voor iemand anders zijn sociale of politieke status. Het werd dan ook al sinds jongs af aan aangeleerd aan de samurai. Hoe men moest buigen, hoe men moest lopen of wandelen werd aangeleerd met zeer veel precisie en belang. Door het blijven oefenen van deze manieren zal men in een perfecte harmonie komen te leven met zichzelf en zijn omgeving.

Makato

  • Waarheid, oprechtheid, eerlijkheid

De hoge status van de samurai ging gepaard met een hoge geloofwaardigheid. " Bushi no ichigon " of het woord van een samurai was belangrijker dan om even welk geschreven contract of geschrift. Het was garantie genoeg voor alles wat de samurai zei of deed. Men had geen geschreven contract meer nodig, als men het woord van een samurai reeds had. Men zou dit zelfs beschouwen als oneervol of onrespectvol tegenover de krijger.

Zo werd ook het betrappen op het hebben van een dubbele tong, wat zoveel betekent als liegen, ten strengste bestraft. Een samurai zal nooit liegen, hij zal misschien wel de waarheid ontkennen of een manier vinden om de waarheid te omzeilen op een manier die toch niet gelijk staat aan een leugen. Makoto of waarheid was voor hen zeer belangrijk. Een leugen bekeken zij niet als een zonde, maar wel als een zwakheid en dat was ten zeerste onrespectvol voor de samurai. Men kan het dan ook makkelijk gelijkstellen met eer.

 

Meiyo

  •  Eer, goede naam, eigenwaarde, reputatie

Eer en schaamte zijn belangrijke elementen in de Japanse geschiedenis en cultuur. Als de samurai vroeger iets verkeerds of oneervol deed dan beschaamde hij eigenlijk het door de gemeenschap in hem gestelde vertrouwen. Als men bv. de naam van de familie en van hemzelf kan verbeteren of verhogen dan zal dit een extra drijfveer zijn om zijn taak ten volle uit te brengen en zich tot het uiterste inspannen voor het behalen van succes.

Een ander voorbeeld is de zogenaamde naamafroeping voor een gevecht. Men riep dan systematisch de namen van zijn voorvaderen af die waarschijnlijk wel enige faam hebben vergaard in hun leven. De samurai was soms wel bezeten met de drang naar eer. Er circuleerden in de tijd van de samurai vele verhalen over hun eergevoel, natuurlijk zijn de meeste wel overdreven maar toch was het duidelijk dat de samurai zijn eigen eer erg hoog hield. Daarbij komt natuurlijk sowieso dat ze een heel sterk gevoel van schaamte hadden ontwikkeld. Het gevolg daarvan is weer dat men een sterke wraakcultuur ontwikkelde. Getuige daarvan het zeer bekende verhaal van de 47 rōnin.


Chugi ( Chu )

  • Plicht , Loyaliteit

Als men loyaal wil zijn tegenover zijn leenheer dan betekent dit voor de samurai dat hij zijn plicht moet vervullen. De plicht van de samurai is net gedurende zijn hele leven loyaal te blijven aan zijn leenheer. Men kan deze twee waarden dus makkelijk beschouwen als één, en zo bekijkt de samurai dit dan ook. Ook op familiaal vlak zijn plicht en loyaliteit bijna niet gescheiden voor de samurai. Het belang van de familie en van elk lid afzonderlijk is één voor de krijger.

 

Een van de belangrijkste waarden in het leven van een samurai is de dood.

 

De samurai moet ten allen tijde verwachten dat hij kan sterven. Al vroeg tijdens de opleiding van de samurai worden ze geconfronteerd met het beeld van de dood, en wat belangrijker is met het aanvaarden ervan. Pas als de krijger de dood aanvaardt en elke dag opstaat met de gedachte dat dit de dag kan zijn waarop hij zal sterven, dan kan hij pas zonder angst door het leven gaan.

Als hij de dood niet kan aanvaarden dan zal hij ook nooit als een samurai worden beschouwd en zal de samurai nooit ten volle zijn plicht tegenover zijn heer kunnen vervullen. Want het kan altijd gebeuren dat hij in een situatie terechtkomt waarin hij moet kiezen voor zijn eigen leven of dat van zijn heer. Die beslissing is voor een ware samurai die leeft volgens de gedachten van het Bushidō simpel en snel te maken. Zijn eigen leven is helemaal niet belangrijk ten opzichte van dat van zijn heer. Dit is dan het moment waarvoor de samurai al zijn hele leven heeft voor gewerkt en zichzelf heeft voor gehard. Eigen belang, gevoelens of angst mogen dan niet aan de oppervlakte komen. De enige schaamteloze beslissing is dan de dood.

Seppuku werd dan ook beschouwd als een eervolle dood. Zelfs tijdens de daad zelf mocht de samurai geen enkel teken van pijn vertonen. Tijdens de daad werd hij dan ook vaak bijgestaan door een secondant, of Kaishaku die erop moest toezien dat de daad zorgvuldig gebeurde. Hij moest het slachtoffer onthoofden om te voorkomen dat seppuku een lange en pijnlijke doodstrijd werd en zo als een verlies van eer werd bekeken door de anderen. 

Harakiri is een minder respectvolle variant dit gebeurde zonder een secondant, of Kaishaku.

De gedachten achter het opensnijden van de buik is dat ,(volgens Japanse traditie de ziel van een persoon in diens onderbuik (hara) zit) , de persoon zich volledig bloot geeft.